Dierenkunst Op Straat
Cultureel erfgoed met dieren in de hoofdrol
DIEREN IN HERINNERING

Monumenten voor dieren in Nederland
We koesteren herinneringen en dat doen we ook als dorp, stad of land. Eén van de manieren waarop we dat doen, is met monumenten.
Lange tijd waren monumenten vooral gewijd aan mensen en belangrijke gebeurtenissen uit de menselijke geschiedenis. Toch hebben ook dieren een plek gekregen in het landschap van onze herinneringen. De ene keer staat een bijzonder dier centraal, de andere keer herinnert een monument aan een gebeurtenis waarbij dieren een belangrijke rol speelden.
Dieren zijn op allerlei manieren met ons leven verbonden. We houden ze als huisdier en beschouwen deze dieren als onderdeel van ons gezin. Andere dieren eten we, laten we voor ons werken en zetten we in voor sport, vermaak of onderzoek. We beschermen sommige dieren en bejagen andere.
Onze relatie met dieren is veelzijdig en achter ieder dierenmonument schuilt dan ook een verhaal. Een verhaal over trouw, trots, verlies, moed of dankbaarheid. Over een dier dat we hebben gekend, over wat een dier voor een mens of een gemeenschap heeft betekend of over een gebeurtenis die indruk op ons heeft gemaakt. Het zijn momenten die we niet willen vergeten.
De 15 monumenten in deze tentoonstelling vertellen daarmee niet alleen iets over dieren, maar ook over onszelf. Ze laten zien welke dieren we belangrijk vinden, welke eigenschappen we aan dieren toeschrijven en welke gebeurtenissen we de moeite waard vinden om te blijven herinneren. Én ze tonen vooral ook onze ambivalente houding jegens dieren.
Tegelijkertijd roepen de monumenten vragen op. Hoe kijken we vandaag naar de omgang met dieren waaraan deze monumenten herinneren? Waar zijn onze opvattingen aan het veranderen? En waarom vinden we het welzijn en het bestaan van het ene dier waardevol en van het andere niet?
Een monument legt een herinnering vast, maar de betekenis ervan staat niet voor altijd vast. Iedere tijd en iedere bezoeker kan er iets anders in herkennen.
Deze tentoonstelling met 15 foto's van monumenten nodigt je uit om de monumenten niet alleen te bekijken als herinneringen aan het verleden, maar ook met het oog op de toekomst. Als spiegel om nog eens kritisch naar onze huidige omgang met dieren te kijken.
1. Bläsz - redder tijdens de Watersnoodramp in 1953 (2023)

Bläs (1951-1955), een Appenzeller Sennenhond (Zwitsers hondenras), redde tijdens de Watersnoodramp van 1953 tientallen koeien en kalveren. Op zijn monument staan de volgende teksten ‘Koe en kalf het Scharendijkse vee dreef hij door het koude sop de dijken op’ en ‘Blasz appenzeller hondje blafte 2 dagen lang zijn drijvers zang’.
Toen het water de boerderij van boer Flip de Jonge binnenstroomde, bleven de koeien angstig staan. Bläsz deed wat hij als veedrijvershond gewend was: hij ging het water in, blafte, beet de dieren in hun poten en staarten en dreef ze naar de veiligheid van de dijk. Hij redde daarmee 45 dieren. Ook bij een nabijgelegen boerderij hielp hij vee op deze manier te redden.
Zijn optreden kreeg landelijke en internationale aandacht. Als dank kreeg hij een speciale halsband en een leverworst. Zelfs koningin Juliana ontmoette de hond. Op 5 juni 1953 ontving Bläsz van de Huntingdon Dog Club in New York een internationale onderscheiding voor dappere dieren: de prestigieuze titel 'Honor Dog Award Oscar 1953'. Bij de onderscheiding hoorde een beeldje met de eervolle inscriptie: 'Hero of Netherlands Floods saved many lives'.
Bläsz stief op vierjarge leeftijd doordat hij werd aangereden door een tractor. Tijdens de waternoodsramp verdronken naar schatting 180.000 – 200.000 dieren.
Kunstenares: Miems van Citters,
Adres: Bethlehemplein, Scharendijke
2. Het Schillenpaard (1989)

IHet bronzen schillenpaard herinnert aan de schillenboer die vroeger met paard en wagen door de Schilderswijk trok om groente- en fruitschillen en ander groen afval op te halen. Voor veel bewoners was dat een vertrouwd onderdeel van het dagelijks leven. Tot ver in de 20e eeuw hoorde je in de straten de bel van de schillenboer. Terwijl zijn paard geduldig met de kar wachtte, verzamelde de schillenboer de schillen die door de bewoners op straat waren gezet. Aan het einde van dag reden ze met de volle kar naar een boerderij om daar de schillen voor de varkens af te leveren.
Aan het einde van de jaren zeventig verdween de schillenboer uit het straatbeeld. Het Schillenpaard herinnert aan de dieren die ooit onmisbaar waren in het dagelijks leven van de stad.
Kunstenaars: Axel en Helena van der Kraan
Adres: Hannemanplantsoen, Den Haag
3. Potvis – een herinnering aan de Zuiderzee (2007)

Midden in Batavia Stad Fashion Outlet in Lelystad ligt deze indrukwekkende potvis van graniet, samen met haar jong. De potvis verwijst naar de tijd dat het IJsselmeer nog de Zuiderzee heette en er voor de komst van de Afsluitdijk in 1932 nog een open verbinding met zee was. Destijds kwamen er nog kleine walvisachtigen voor in de Zuiderzee, zoals bruinvissen. Nu niet meer. En ook zeehonden zijn er verdwenen.
Het beeld verbindt de moderne winkelomgeving met de oude geschiedenis van deze plek. Ondanks dat er geen potvissen in de Zuiderzee voorkwamen.
De potvis is gehouwen uit een enorm blok graniet van maar liefst 75 ton. Het volwassen dier is 7,5 meter lang en het jong meet 2,6 meter. Het kunstwerk is niet alleen om naar te kijken: kinderen kunnen ermee spelen.
Kunstenares: Alice Helenklaken
Adres: Bataviahof, Lelystad
4. Wodka – een kat met een missie (2021)

Sommige katten houden van avontuur en om mensen te ontmoeten. De zwart-witte kat Wodka was zo’n kat.
Hij was regelmatig te vinden bij de ingang van het Noordwestziekenhuis in Alkmaar. Niet omdat hij het thuis niet fijn had, maar omdat hij ook van ander gezelschap hield. Wodka bezorgde veel bezoekers een glimlach en veel mensen konden het niet weerstaan hem even te aaien. Het maakte de drempel om naar binnen te gaan net iets lager. Hoe geliefd hij was, bleek uit het lekkers dat mensen voor hem meebrachten en het kerstboompje dat hij met kerst kreeg voor naast zijn mandje.
Katten en andere aaibare dieren hebben het vermogen om alleen al door hun aanwezigheid onze stress te verminderen en bloeddruk te verlagen. Door ze te aaien komt het knuffelhormoon oxytocine vrij, in ons en in hen. Ze verbeteren onze stemming, kunnen eenzaamheid verzachten en kinderen helpen om sociaal contact te maken.
Met zijn ontspannen, uitgestrekte houding lijkt het beeld de eigenzinnigheid en nieuwsgierigheid van een kat te vangen. De omhoog gerichte staart en de geconcentreerde blik geven hem een levendige uitstraling, alsof hij ieder moment weer op pad kan gaan.
Kunstenares; Edith Janssen
Adres: Wilhelminalaan 12 in Alkmaar (voor het Noordwest Ziekenhuis)
5. De Palingroker (1994)

Dit beeld herinnert aan de traditie van de palingrokerij in Monnickendam. De paling was lange tijd een belangrijke vangst in de Zuiderzee en later het IJsselmeer. Paling is een lange afstand zwemmer. Hij wordt als aaltje geboren in het zoute water van de Sargassozee in de Atlantische Oceaan en zwemt dan zo’n 6000 km naar het zoete water van het IJsselmeer. Daar verblijft hij 10-20 jaar en zwemt dan weer terug om te paaien, waarna hij sterft.
Palingen werden traditioneel gedood door ze levend in een zoutbad. Een zeer pijnlijke dodingsmethode. Het dier schijnt het zout te voelen als sigaretten die op je huid worden uitgedrukt. En dat duurde wel 20 minuten. Pas in 2018 is deze dodingsmethode verboden en moeten palingen eerst worden bedwelmd, bijvoorbeeld met een stroomstoot, voordat ze worden geslacht.
Inmiddels is de Europese paling een ernstig bedreigde diersoort en bijna uitgestorven. Sinds de jaren 60 is 90% van de soort verdwenen. De oorzaken: overbevissing, klimaatverandering, watervervuiling, én de vele dijken, sluizen en gemalen die hun eeuwenoude trekroute blokkeren. De kans is zeer groot dat we de paling niet meer kunnen redden. Zelfs niet in gevangenschap, want het lukt nog steeds niet om palingen in gevangenschap te laten voortplanten. Dat doen ze alleen in de Sargassozee, maar dan moeten ze daar wel kunnen komen.
Kunstenaar: Rob Cerneüs (1943-2021)
Adres: Gooische kader in Monnickendam

6. Historische hertenbeelden (1849-1851)
Eén van de herten stond in 1849 op een kunsttentoonstelling in Delft. Het andere beeld in 1851 op de Wereldtentoonstelling in Londen. Daarna zijn ze vermoedelijk in Rotterdam terecht gekomen. Sinds 1952 staan ze in het Zeisterbos. Destijds was het heel bijzonder dat de beelden van zink waren gemaakt. Niemand wist hoe je zink moest bewerken. De Duitse kunstenaar ontdekte het in Duitsland.
De beelden passen prachtig in hun omgeving: ze gaan bijna helemaal op tussen de bomen, varens en struiken. Ze herinneren aan de verbondenheid van deze dieren met het bos. Het ene hert ligt ontspannen, terwijl het andere rechtop zit en de omgeving lijkt te observeren. Ze tonen niet alleen de kracht en schoonheid van herten, maar nodigen ook uit om stil te staan bij de dieren die het bos als leefomgeving delen met de mens.
Deze twee herten vormen zo een stille ontmoeting tussen kunst en natuur. Wie erlangs wandelt, wordt even uitgenodigd om stil te staan — bij de dieren, het landschap en onze verbondenheid met de natuur.
Kunstenaar: Christiaan Daniel Rauch
Adres: Zeisterbos, Zeist
7. Zeug met biggen (1979)

Dit beeld herinnert aan de vele varkens die worden gefokt in de Brabantse varkenshouderij. De Vereniging van Varkenhouders van de Noordbrabantse Christelijke Boerenbond heeft het beeld ter gelegenheid van hun 10-jarige bestaan geschonken aan het Provinciale Bestuur van Noord-Brabant.
In Nederland worden zo’n 10 miljoen varkens gehouden voor hun vlees. De helft daarvan leeft in de varkenshouderij in de provincie Noord-Brabant. Varkens leven 6 maanden en worden dan geslacht. Ongeveer 2/3 van de varkensproductie is bedoeld voor de export.
Eén ding klopt er niet aan het beeld: de zeug en haar biggen hebben hun staart nog. In de varkenshouderij worden de staarten van varkens al decennia standaard gecoupeerd. Dit gebeurt meestal door het afbranden van de staart met een verhit mes of brandijzer. De reden? De varkens in de stal bijten anders elkaars staart af, omdat ze stress en verveling ervaren in hun krappe en kale stalsystemen. Varkens zijn slimme dieren die veel meer ruimte nodig hebben om hun natuurlijke gedrag uit te oefenen, waaronder de mogelijkheid om te kunnen wroeten met hun neus.
Kunstenaar: Gerrit de Boer
Adres: Brabantlaan 1, ’s Hertogenbosch (voor het provinciehuis)
8. Leeuwtje Bergha (2014)

Dit beeld herinnert aan de geschiedenis van Burgers’ Zoo in Arnhem. De wortels van deze dierentuin liggen oorspronkelijk in het dorp ’s-Heerenberg. In 1913 opende Jan Burgers daar zijn allereerste dierenpark, genaamd Faisanterie Buitenlust. Hij hield daar een grote privécollectie dieren die gaandeweg opengesteld werd voor publiek. Naast talloze vogels had hij er destijds al grotere roofdieren, waaronder twee echte leeuwen die Hector en Nero heetten.
Jan Burgers wilde graag de toegangswegen naar zijn dierenpark laten verharden om meer bezoekers te trekken. Omdat de gemeente destijds niet meewerkte aan dit verzoek, besloot hij in 1923 in te gaan op een uitnodiging van de stad Arnhem. Hij verhuisde zijn en opende daar het park dat uitgroeide tot het huidige Burgers’s Zoo. Leeuwtje Bergha werd in ’s-Heerenberg onthuld ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van Burgers' Zoo. De kunstenaar koos voor de naam Bergha omdat dit de allereerste naam was van de middeleeuwse nederzetting waaruit ’s-Heerenberg is ontstaan.
Kunstenaar: Patrick Beveloo
Adres: Stadsplein, ‘s-Heerenberg
9. Circusolifant Jenny (1992)

Dit monument is een eerbetoon aan de Indische olifant Jenny. Ze werkte in het Duitse circus Sarrasani. In augustus 1937 werd ze toen onwel toen ze hielp bij het inladen van circusmaterialen in de wagens bij het toenmalige spoorwegstation van Scheveningen. Ze zakte in elkaar en werd naar de Haagse Dierentuin aan de Koningskade gebracht om op krachten te komen, maar ze stierf diezelfde avond door ouderdom. Ze zou 108 jaar oud zijn.
Het Museum voor het Onderwijs kocht het kadaver. Na het uitbenen in het slachthuis werden Jenny's botten een jaar in een vijver in het Zuiderpark gelegd, zodat algen en vissen het vlees konden losmaken (vandaar de naam Olifantsvijver daar). De botten werden daarna in de tuin van het museum begraven.
Toen het museum een halve eeuw later werd gesloopt, bleek het skelet spoorloos verdwenen. Het is nog steeds niet bekend waar Jenny’s botten zijn. Maar in Den Haag werd bij de renovatie van het gebied begin jaren 90 waar oorspronkelijk het museum van onderwijs stond een plein naar Jenny vernoemd om de herinnering aan deze olifant levend te houden.
Kunstenaar: Wim de Koning Gans
Adres: Jenny Plantsoen in Den Haag
10. Politiehond Albert (1924)

Deze gedenksteen is gemaakt als herinnering aan politiehond Albert (1916-1923), een Tervuerense herder. Hij was een van de allereerste diensthonden van de Amsterdamse politie. Albert trad rond 1908 in dienst toen de politie voor het eerst honden begon in te zetten bij de surveillance en misdaadbestrijding. Hij was de assistent van agent Jacob Water. Zijn successen zouden volgens overlevering hebben geleid tot de oprichting van de Amsterdamse hondenbrigade.
Albert overleed toen hij in maart 1923 per ongeluk stikte in de zakdoek van zijn baasje. Agenten van de brigadepost aan het Leidseplein lieten als eerbetoon aan Albert deze gedenksteen maken. Het herinnert ook aan de pioniersrol van politiehonden en de onvoorwaardelijke inzet van politiehonden voor onze veiligheid.
Kunstenaar: onbekend
Adres: Oosterpark, Amsterdam
11. Us Mem (1954)

Us Mem is Fries voor 'Onze Moeder'. Het beeld werd in 1954 gemaakt ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van het Fries Rundvee Stamboek. Deze organisatie heeft als doel om het Fries-Hollandse rundveeras in stand te houden. Dit ras dreigde te verdwijnen door de opkomst van de Holstein-koeien.
Het beeld verbeeldt de ideale Fries-Hollandse stamboekkoe: krachtig, edel en met een indrukwekkende uier. Het monument staat symbool voor de grote betekenis van de rundveehouderij voor de Friese identiteit, cultuur en economie. Oorspronkelijk stond het beeld voor het kantoor van het Friesch Rundveestamboek bij het voormalige veemarktterrein aan het Zuiderplein.
Kunstenaar: Gerhardus Jan Adema (1898-1981)
Adres: rotonde bij de Harlingersingel en de Harlingerstraatweg
12. Bonfire (2005) en Salinero (2014)

Deze metalen paarden verbeelden Bonfire (1983-2013) en Salinero (1994-2022), de paarden waarmee dressuuramazone Anky van Grunsven vele kampioenschappen bereikte. Anky werd met Bonfire in 2000 in Sydney Olympisch Kampioen. In 2004 en 2008 werd ze met Salinero Olympisch Kampioen. In totaal werden 9 Olympische medailles met deze paarden behaald. De beelden staan in Erp, de geboorteplaats van Anky.
Het monument is een eerbetoon aan de paarden en de vele kampioenschappen die zij behaalden.
Anky van Grunsven gaf Bonfire zijn naam, omdat ze direct viel voor zijn uiterlijk, de uitdrukking van zijn hoofd en zijn vurige, energieke manier van bewegen. Bonfire is Engels voor vreugdevuur. De naam Salinero is afgeleid van zijn vader, de dekhengst Salieri.
Kunstenaar: Toon Grassens
Adres: Veghelsedijk / hoek Schansoord
13. Brammetje De Stationskat (2026)

Dit beeld is ter nagedachtenis aan de iconische rode kater Brammetje (2014-2023). Hoewel hij een goed thuis had, bracht hij jarenlang zijn dagen het liefst door op of nabij Station Purmerend Weidevenne. In april 2023 overleed de rode kater na een aanrijding met een auto. Buurtbewoners organiseerden een crowdfundingsactie en zamelden geld in voor dit beeld. Het mocht niet staan op het perron waar Brammetje vaak zat, maar wel buiten het station. Het beeld herinnert aan de verbindende kracht van een bijzondere kat die veel voor reizigers en omwonenden betekende. Een filmpje van Brammetje vind je hier.
Buiten het station van Deventer bevindt zich ook een monument voor een stationskat: Sunny (2017-2021).
Kunstenares: Anna Lopushanskaya
Adres: Station Purmerend Weidevenne (zijde fietsenstalling)
15. Het ezeltje (1976)

Het kunstwerk is een eerbetoon aan de vele hardwerkende ezels die vroeger in Maastricht werden gebruikt voor het vervoer van goederen. Ezels waren vroeger onmisbare werkdieren in de stad en het omliggende Limburgse heuvelland. Ze werden ingezet voor het dragen vano.a. groenten, melkbussen en bouwmaterialen door de smalle straatjes.
De ezel is een dapper hardwerkend dier dat zijn lot gelaten ondergaat. En tegelijkertijd een voorzichtig dier dat zijn instinct volgt. Een ezel is namelijk geen vluchtdier zoals het paard. Hij stopt wanneer hij gevaar of onzekerheid ervaart en neemt de tijd om een situatie te beoordelen. De mens bestempelt dit stoppen vaak als koppig, maar het is juist een uiting van wijsheid en een overlevingsmechanisme.
Kunstenares: Gertrud Januszewski (1911-2001)
Adres: Ezelmarkt, Maastricht
15. They had no choice - Londen (2004)

Veel dieren zijn ingezet voor oorlogen en nog steeds worden er dieren voor ingezet. Nederland kent geen monumenten die specifiek zijn gewijd aan deze dieren. In Engeland wel. En in Londen staat dit grote monument dat miljoenen dieren eert die dienden, leden en stierven aan de zijde van de Britse en geallieerde strijdkrachten in de conflicten van de twintigste eeuw.
Het gedenkteken bestaat uit een halfronde Portland-stenen muur met reliëfs van verschillende dieren: runderen, ezels, paarden, kamelen, een kat, geit, hond, olifant en postduiven Twee zwaarbeladen bronzen muildieren staan aan de ene kant van de muur en symboliseren de zware tocht richting de strijd. Aan de andere kant van de muur staan een bronzen paard en hond die getuigen van het verlies van hun kameraden en staan symbool voor hoop op de toekomst. Op het monument staat ook informatie over de oorlogsgebieden en het aantal omgekomen dieren.
Het monument draagt de indringende inscriptie dat deze dieren geen keuze hadden. Ze moesten mee de strijd in.
In Engeland bestaat ook de zng. PDSA Dickin Medal die wordt beschouwd als het Victoria Cross voor dieren. De Medal is vernoemd naar Maria Dickin, de oprichtster van de PDSA (voorheen bekend als de People’s Dispensary for Sick Animals. De medaille is sinds 1943 75 keer uitgereikt, plus één ere-PDSA Dickin Medal in 2014. De ontvangers zijn 38 honden, 32 duiven, 4 paarden en 1 kat.
Kunstenaar: David Backhouse
Adres: Hydepark, Londen