Dierenkunst Op Straat
Cultureel erfgoed met dieren in de hoofdrol
AMFIBIEËN IN DE KUNST
REPTIELEN IN DE KUNST
Amfibieën
Nederland kent zestien inheemse soorten amfibieën: kikkers, padden en salamanders, maar wereldwijd zijn er veel meer. Er zijn meer dan 7600 soorten kikkers, zo'n 590 soorten padden en zo'n 760 soorten salamanders.
Het verschil tussen kikkers/padden en salamanders is dat kikkers en padden geen staart hebben en salamanders wel. Kikkers hebben ook lange achterpoten om mee te springen. Beide soorten leven zowel in water als op op land.
Amfibieën zijn een belangrijke indicator voor de staat van onze natuur, omdat ze met hun gevoelige, waterdoorlatende huid en hun vermogen om te leven in water en op land, zeer kwetsbaar zijn voor vervuiling, klimaatverandering en habitatverlies.
Reptielen
Er zijn meer dan 11.000 soorten reptielen. Er zijn vier hoofdgroepen: (1) hagedissen (waaronder gekko's en kameleons), (2) krokodilachtigen (waaronder krokodillen, alligators, kaaimannen), (3) schildpadden en (4) slangen. Reptielen komen al miljoenen jaren voor op aarde. Er zijn fossielen gevonden van meer dan 350 miljoen jaar oud. Dinosaurussen zijn ook reptielen. Op de pagina met kunstwerken van uitgestorven diersoorten vind je een aantal kunstwerken hiervan.
Reptielen zijn koudbloedige gewervelde dieren met een droge geschubde huid die vocht vasthoudt. Ze zijn koudbloedig, omdat ze zelf geen lichaamswarmte produceren. Om hun lichaamstemperatuur te regelen zijn ze afhankelijk van de grondtemperatuur en van stralingswarmte. Reptielen leven voornamelijk op het land en bijna overal ter wereld. Ze komen niet voor in hele koude gebieden zoals de Noord- en Zuidpool en niet op de toppen van bergen.
Het grootste reptiel is de zoutwaterkrokodil, ook zeekrokodil genoemd, die meer dan 7 meter lang kan worden en meer dan 1.000 kg kan wegen.
De Anaconda is de grootste en zwaarste slang ter wereld. Ze worden gemiddeld 3 tot 6 meter lang, met uitzonderlijke vrouwtjes die de 8 meter kunnen bereiken. Het kleinste reptiel is de nano-kameleon. Deze kameleon leeft in Madagaskar en de mannetjes worden maar ongeveer 13,5 mm groot worden
In Nederland leven zeven inheemse soorten reptielen:
- 4 hagedissen: de levendbarende hagedis, de muurhagedis, de zandhagedis en de hazelworm
- 3 slangen: de ringslang, de adder en de gladde slang
Vijf van deze soorten worden bedreigd in hun voortbestaan, ondanks dat ze al jaren tot de beschermde diersoorten behoren. Met de muurhagedis en en zandhagedis gaat het iets beter, maar ze zijn nog wel kwetsbaar.
KIKKERS EN PADDEN IN DE KUNST
Kikkers en padden leven beiden in water en op het land. Het verschil tussen de twee herken je aan hun huid, poten en levensstijl: kikkers hebben een gladde, vochtige huid, lange achterpoten en leven meer in water dan padden. Padden hebben een droge, wrattige huid, korte poten om te kruipen en leven meer op het land.
Kikkers en padden worden in de beeldhouwkunst vaak gebruikt als ornament op plekken met water zoals een waterafvoer, fontein, brug of nabij een gracht of als symbool voor water. Het dorp Oudenbosch heet met carnaval de puit. Het is het West-Brabantse woord voor kikker.
SALAMANDERS IN DE KUNST
Salamanders worden net als kikkers en padden gebruikt als symbool voor water, omdat ze ook in water leven. Meestal staan ze echter symbool voor vuur. Dat komt door de vuursalamander. In de oudheid dachten mensen dat salamanders in vuur konden leven, branden konden blussen en zelfs vuren ontstaken. De zwart-gele kleur van de vuursalamander zagen ze daarvoor als bewijs.
Architecten verbeeldden de vier elementen (water, vuur, aarde en lucht) vaak ter decoratie op gebouwen, maar ook symbolisch. Zo vertelde een salamander op een verzekeringsbedrijf (bijv. het gebouw de Drie Koningen in Amsterdam) je dat het bedrijf je ook verzekert tegen brandschade.
Ook op oude gebouwen waar een apotheek was gevestigd zie je de salamander. Hij is daar een symbool van zuiverheid vanwege zijn vermeende vuurbestendigheid. Zo dacht men vroeger in Europa dat wanneer men een salamander drie keer over de kousenband liet kruipen deze de betreffende persoon zou 'zuiveren' (genezen) van koorts.